⬡ Niveau 2
Kruispeiling
Je weet niet precies waar je bent op de kaart? Met kruispeiling kom je erachter. Je meet met een kompas de richting naar twee bekende punten in het landschap. Op de kaart trek je twee lijnen — het punt waar ze elkaar kruisen, dat ben jij!
📋 Hoe werkt het?
- 1Zoek twee herkenbare punten in het landschap die je ook op de kaart kunt vinden: een kerktoren, een antennewagen, een karakteristieke heuvel.
- 2Meet met je kompas de richting (het azimut) van punt A vanuit jouw positie.
- 3Draai dat azimut 180° om (of trek 180 af). Dat is de terugpeiling.
- 4Teken op de kaart een lijn vanuit punt A in de richting van de terugpeiling. Die lijn loopt door jouw positie.
- 5Herhaal voor punt B met zijn eigen terugpeiling.
- 6Het snijpunt van de twee lijnen is jouw positie op de kaart.
👀 Wat zie je?
- ✓Vereist een kompas en een topografische kaart.
- ✓Twee peilingen geven één snijpunt. Een derde peiling geeft een 'driehoekje van onzekerheid' — kleiner driehoekje = nauwkeuriger.
- ✓Werkt het beste bij ver weg gelegen, goed herkenbare punten.
- ✓De hoek tussen de twee gekozen punten moet minstens 30° zijn, het beste rond de 60–90°.